Ambtsgroepen


Binnen onze kerk zijn 5 Ambtsgroepen (AG) actief, die de kerkenraad ondersteunen bij de uitvoering van het beleid, te weten:
 
 - De Ambtsgroep Pastoraat  
 - De Ambtsgroep Missie & Diaconaat
 - De Ambtsgroep Eredienst    
 - De Ambtsgroep Kerk & Jeugd 
 - De Ambtsgroep Beheer & Financiën

Alle AG-en zijn verantwoording verschuldigd aan de kerkenraad voor de uitvoering van de aan hen opgedragen taken. Alle verslagen van de AG-en worden ter kennis gebracht aan de kerkenraad. Op die manier blijft de kerkenraad op de hoogte waar alle AG-en zich mee bezighouden.

De instelling van een AG geschiedt door de kerkenraad onder vaststelling van het daarbij behorende beleidsplan van deze AG. De taken van iedere AG zijn hierin opgenomen.

Voor het goed functioneren van iedere AG is het volgende afgesproken: 

 - De kerkenraad geeft bij de vaststelling van dit beleidsplan de AG de bevoegdheid
   deze taken uit te voeren.
 - De AG is verantwoordelijk voor de uitvoering van haar taken, maar de (eind)
   verantwoordelijkheid ligt altijd bij de kerkenraad (specifieke taken waarvoor een
   AG zelf eindverantwoordelijk is, worden apart vermeld).
 - De kleine kerkenraad toetst het werk van de AG aan het vastgestelde beleidsplan
   van de AG.
 - De verslagen van de AG worden ter bespreking voorgelegd aan de kleine
   kerkenraad en ter kennis gebracht aan de kerkenraad. Als agendapunt voor elke
   kerkenraadsvergadering wordt opgevoerd de 'mededelingen van de AG-en'.
   Kerkenraadsleden kunnen dan vragen stellen over het werk van de AG.
 - Iedere AG staat minimaal één maal per jaar (volgens een op te stellen schema)
   centraal in een grote kerkenraadsvergadering, om dan met de gehele kerkenraad
   de algemene gang van zaken en nieuwe plannen van deze AG te bespreken.
   De AG kunnen dan tevens voorstellen tot beleidswijzigingen aan de kerkenraad
   voorleggen.
 - Het aantal leden van de AG wordt door de kleine kerkenraad vastgesteld en wordt
   in de regeling per AG opgenomen.
 - De leden van de AG, niet zijnde ambtsdragers, worden op voordracht van de AG
   benoemd door de kleine kerkenraad.
 - De zittingstermijn van niet-ambtsdragers is gelijk aan de regeling voor
   ambtsdragers (4 jaar, met de mogelijkheid van verlenging voor een periode van
   4 jaar). Deze regeling geldt niet voor wijk-medewerkers. Die kunnen voor
   onbepaalde tijd aanblijven.
 - De AG stelt zelfstandig de nodige instructies voor de leden van de AG op.
   Deze worden vastgesteld door de kleine kerkenraad.